Smells of the city (8)

De bijtende geur van urine in East 38th Street op donderdagavond, de zweem Chanel no.5 en Flowerbomb in Carnegie Hall, de scherpe geur van rubber, beits en verbrand hout in het metrostation onder de South Ferry, de hint van steen, metaal en verf in de Anton Kern Gallery, de indringende adem van het vochtige cement op Ground Zero.

Er is nog zoveel te vertellen over de aroma’s die als onzichtbare geesten door de straten, parken en gebouwen van The Big Apple dwalen. Die zonder een vaste vorm het karakter van deze stad en van élke andere stad vormen.

Denk geur weg en er blijft slechts een schim over van deze prachtige metropool. Een sanitized, levensloos universum. Een plat vlak zonder enige aantrekkingskracht.

Juist in het onzichtbare schuilt de grootste kracht.

Denk de vleug koffie, getoaste bagel, autogassen, specerijen, het leer, de zucht huisvuil, de inkt van de verse krant weg. De reis naar het werk ‘s ochtends verwordt tot een optreden in een film, een slaapwandelen in een virtueel landschap.

Over de smellscapes van New York City ben ik nog lang niet uitgeschreven. Heb ik je al verteld over al die fantastische geuren in de Koreaanse, Chinese en Indiase restaurants? Of die bij Aesop, Enfleurage, Le Labo, Bergdorf Goodman en Christoper Brosius’ parfum empire op 93 Wythe Avenue? Nee toch?

Over dat laatste volgende week meer, als afsluiting van de serie Smells of the City: het olfactorisch DNA van New York.

Want dat verhaal wil ik je niet onthouden.

Smells of the city (7)

Een natte, natte dag is het. Zondag 19 mei begint en eindigt met regen. Manhattan is soaked.

De geur van nat textiel, vochtige wol en katoen is alomtegenwoordig. En ook natte krant, vochtig leer en vissige tonen zijn waarneembaar. De geur van huisvuil en stof (de drydown van NYC) is vandaag overwonnen door de vermaarde New York drizzle.

En hoe vermaak je je nou op zo’n grijze dag waarop de wolkenkrabbers zich omhullen met een grijze cape? Je pakt een cab naar The Met en dwaalt door de vleugels met Aziatische kunst, hapt ‘s middags een taartje weg bij Lady M op78th Street, slentert door Central Park naar 57th street (en laat je tot op de draad natregenen) en snuffelt nog even de geweldige reeks parfums door van Ramon Monegal (met Cuirelle als persoonlijke favoriet) bij het snobbie warenhuis Bergdorf Goodman.

Enjoy!

Smells of the city (6)

Chinatown. Zonder enige twijfel de wijk met het meest uitgesproken smellscape. Niet per se aangenaam, wel zeer karaktervol. Zeker op deze zonnige dag waarop de atmosfeer is verzadigd met indringende geuren.

Neus snuffelt dan ook opgetogen aan onbekende etenswaren en steekt gefascineerd haar edele reukorgaan in miniscule winkeltjes en gigantische markthallen.

Maar opeens wordt het olfactorisch spektakel haar teveel en vlucht ze gedesoriënteerd deze veeleisende geurwereld uit. En haalt opgelucht adem.

Hoe het hier ruikt?

Een melange van warme vuilniszakken, vis, bladgroen, specerijen (onder andere iets van nootmuskaat), muffe, bittere, groene, aardse, zoete, zilte, rood fruitige en bloemige tonen, de weeïge geur van rauw vlees, geroosterd vlees, paddestoelen, jasmijnthee, stof, zeewier en putjelucht.

En nog talloze andere aroma’s waar ik geen grip op krijg.

In een tijdsbestek van een kwartier.

Pffff.

Smells of the city (5)

De NYC cabs zijn ware geurtempels, elke taxi heeft zo zijn eigen geurprofiel. De een ruikt naar vanille en tabaksblad (die van de foto), een ander naar friet en zweetvoeten, een volgende naar specerijen en iets mufs, weer een ander naar dodelijk vermoeid kunststof en autogassen. En er geurt er ook eentje naar dennenbos, iets ranzigs en ouderwetse aftershave.

En de overige 12.000 taxi’s?

Use your imagination, honey…

Smells of the city (4)

De parken van NYC zijn groene oasen met elk een eigen karakter en sfeer. Of het nu Madison Square Park, Bryant Park, Washington Park of Central Park is: het zijn heerlijke plekken om te lummelen, mensen te kijken, een boekje te lezen of voor een work-out.

De atmosfeer hier is totaal anders dan op de stoffige en drukke avenues. De parken ademen, leven. De lucht is er vochtiger en ‘s ochtends hangt er een serene sfeer. Uiteraard valt hier in deze tijd van het jaar veel te ruiken: vochtige aarde, gras, begonia’s, jasmijn, azalea’s, lelies, sering en vibernum. En in Madison Square Park ook een stevige lik verf: de New Yorkse kunstenaar Orly Genger gebruikte 426 kilometer scheepstouw en 13.249 liter verf voor zijn kunstwerk Red, Yellow and Blue.

En verhip, ik ruik geen hondenpies of -poep! Best opmerkelijk want Manhattan is vergeven van de Chiwawas en de Franse bulldogs. Poepen die New Yorkse honden eigenlijk wel? Hebben ze hier misschien speciale soorten met een poeploos gen? Of krijgen die beestjes enkel astronautenvoer te eten? Want nergens heb ik nog zo’n bruin glanzend ding zien liggen of de eigenaren zien hannesen met plastic drollenvangerzakjes. En ook hondenpoepvuilnisbakken zijn in het straatbeeld afwezig. Huh?

Mr. Bloomberg, what’s your secret?

Smells of the city (3)

De makkelijkste manier om de Gothammer (of Londoner, Melbourner, Hobarter, Portlander of who so ever) in het wild te zien en een feel te krijgen voor hoe hij of zij de dag begint, is door rond negen uur ‘s ochtends in de plaatselijke koffiezaak aan te meren. Stumptown Coffee Roasters in Midtown is mijn absolute favoriet. Een zinsbegoochelende koffiehemel doortrokken van rokerige, licht zure en zeer intense, diep donkerbruine mokka en chocolade aroma’s.

Op zondagochtend is het mogelijk dat deze goddelijke geur de aandacht moet delen met de weeïge, vettige en kruidige lichaamsgeur van de New Yorker die, na een nacht doorhalen zijn bed is uitgesprongen, een short, t-shirt en teenslippers heeft aangetrokken, in de rij voor je staat om zijn eerste shot koffie te bemachtigen.

Gefeliciteerd, je hebt nu een extra stukje van het olfactorische DNA van NYC te pakken!

 

Smells of the city (1)

Geur laat zich niet op de foto zetten, maar de plek die haar loslaat wel.
Neus is deze dagen op zoek naar het olfactorisch DNA van The Big Apple.

De vele foodcarts op de avenues leveren zonder enige twijfel een belangrijke bijdrage aan het geurige landschap van Manhattan: gebakken uien, geroosterd of zelfs geblakerd vlees en brood, kruidenmengsels voor de giros en de shis kebab en walmend vet.

De geur van adel

‘Eigenlijk was ik liever notaris geworden of banketbakker. En sluiswacht leek me vroeger ook wel wat, heerlijk die rust van het water en die voorbijtrekkende bootjes. Later droomde ik van een leven als huisman. Jazeker, huisman. Zoete vergezichten had ik daarbij. Lekker door het huis scharrelen in mijn verwassen lichtblauwe boxershort met berenmotiefjes en luchtballonnen. Hup, de voddige vaaloranje ochtendjas er losjes overheen en klaar voor de dag. Mijn voeten in de blauwbruin geblokte oude-mannen-pantoffels, na jaren trouwe dienst twee vormloze en onwelriekende schoenhompen, geen hond die het ziet.

Fantastisch leek me dat, de hele dag een beetje stinken terwijl ik mijn kleintjes hun fruithapje en boterhamblokjes in de mond stop. Krantje lezen (stiekem ook die van wakker Nederland), plaatjes draaien, snurkje doen, dromerig door de tuin dwalen, zo hier en daar een uitgebloeide bloem uit het perk plukken. Idyllisch toch? ‘s Middags een mailtje sturen aan die goede vrind in Mozambique, die briljante wetenschapper, die geniale internetondernemer. Pompiedompiedom. Wat een leven, man oh man.

En net voordat mijn vrouw stralend en bubbelend van de succes-adrenaline het huis in waait, gezwind mijn tanden poetsen, een washandje halen over enkele kritische lichaamsdelen en die ene zandkleurige Dockers zonder vlekken aanschieten. Ziet u het voor u? En terwijl het grind al onder de wielen van haar Volvo knerpt, hink ik met één been in een broekspijp en met een druipende tandenborstel in de mond door het huis, op zoek naar mijn fles Eau Sauvage.

Rijkelijk sprayen, blije glimlach rond de mond, hand door de kuif en ja, daar is ie weer!, mijn opgeruimde frisse zelf. Net op tijd.

Duifje, wat heerlijk dat je weer thuis bent, hoe was je dag?

Ze praat honderduit, over een kredietje hier en wat liefdadigheid daar, de wegopbreking in de buurt van Deventer waar ze een lint moest doorknippen en vertelt over die ‘oh zo léuke man’, terwijl ik haar Louboutins uittrek, haar gezwollen voeten masseer en even knabbel aan haar welgevormde tenen. Die geur van panty, leer en warme gezwollen voeten, zegt u? U weet toch: liefde maakt de neus doof en de honger zoet.

Tsja.’ Weemoedig staart hij in de verte.

We weten allemaal dat zijn leven anders is gelopen. Hij dribbelde als eerste door de gangen van kasteel Drakensteyn met op zijn rug een loodzware feloranje rugzak met daarin de routekaart van zijn leven en een hermelijnenmantel.

Wat zou ik graag even mijn neus stoppen in de mottige plooien van het gevaarte. Vertel eens Majesteit, hoe ruikt dat nou, de geur van oude adel?

Omdat een antwoord van onze koning hoogst onwaarschijnlijk is, vraag ik het jou. Laat je fantasie de vrije loop en mijmer over de geur van adel. Onder de inzendingen wordt een 2 ml. spraytje van Royal Saffron Parfum van Bella Bellissima verloot (enkel bij Selfridges in Londen verkrijgbaar): het parfum dat ik afgelopen dinsdag droeg ter ere van onze nieuwe vorst.

Hoera! Hoera! Hoera!

✫✫✫ Dank iedereen voor de leuke reacties! De trekking heeft inmiddels plaatsgevonden: Anna gefeliciteerd! Mail je me even je adres? ✫✫✫