GeurAdel

Toen ik het stukje ‘GeurTerreur’ in maart van dit jaar op deze blog plaatste, had ik geen idee van de turbulentie die de maanden erna zouden tekenen. Ja, ik hoopte dat het druk zou gaan worden. Dat was toch ook de bedoeling met het openen van mijn nieuwe studio in Maastricht? Maar zo druk?

Er liep een kunstenaar binnen die wel iets met geur wilde, ‘kunnen we misschien iets samen doen?’. Leuk! Een documentairemaker die gegrepen werd door mijn verhalen over de geuren van de stad. Of ik hierover iets wil zeggen in zijn nieuwe project. ‘Nou, graag.’ Iemand die een geurige kroniek wil laten optekenen. ‘Wauw, mooi idee!’

En dan is er nog de co-creatie met een sopraan om een van mijn meest geliefde aria’s op geur te zetten. De samenwerking met de neuropsycholoog om meer inzicht te krijgen in de werking van geur op het brein. En oh ja, die nieuwe website, die nieuwe huisstijl, die nieuwe…

Veel nieuw en veel nieuws dus. Goed nieuws ook.

Maar genoeg over mij. Neus wil het woord. Héhé eindelijk weer wat geurgeneuzel, wat heb ik dát gemist!

★★★★☆ HIRIS van HERMÈS door Olivia Giacobetti
♪♪ ∫∫ ♀♂ €€ ⎜soft floral⎜fris zepig floraal iris vegetaal stuivend⎢1999

In een tijd waarin grofweg vier van de vijf parfumlanceringen naar karamel, gesuikerde frambozen of suikerspin ruiken en de rest naar open haard of de daad (of een combinatie van beiden) is Hiris gebotteld anachronisme.

Hiris geurt naar aan de lijn gedroogd wasgoed. Knisperend fris linnen opbollend in de wind. Kraakhelder. Licht violet met een zweem blauwwit. Iets warms en geruststellends op de achtergrond. Voor man of vrouw. Elegant. Opgeruimd. In control.

Hiris bakent af en omzoomt. Dit ben ik. En dat ben jij. Dit is mijn terrein. Dáár is de wereld. De ideale geurjas voor op reis of voor een meeting met onwillige personen. Hiris geeft geen krimp. Blijft fier overeind, ook bij druk van buitenaf. Stille kracht. Beschermt en schermt af. Ademt subtiele gereserveerdheid uit. Zelfverzekerd. Soeverein.

Mijn ontdekking van deze zomer. Dit parfum kan bijgezet worden in de gallerij der edelparfums: pure geuraristocratie.

Hoe het met Neus is, vraag je? Neus snift, snuffelt en snuift met volle teugen het leven op. En als Neus zou kunnen kwispelen, dan zou ze dat de hele dag doen. En ik ? Ik loop als een hondje achter haar aan. Ik kan niet anders.

GeurTerreur

Is er ook maar ìemand die graag het weeïge geurlandschap van zijn voorganger in zijn neusgaten verwelkomt, terwijl hij plaatsneemt op de nog warme bril?

Natuurlijk, er zijn uitzonderingen op die regel, al ken ik ze niet persoonlijk. Niet vreemd ook. Deze weeffout in je karakter hang je niet graag aan iemands neus. Alhoewel. Marquis de Sade, notoire liefhebber van alle vleselijke lusten waar een donker randje aan zit en die zijn neus wellustig drukte in al wat het lichaam ten zuiden van de navel loslaat, doet er bepaald niet besmuikt over in zijn geschriften.

Maar de toiletverfrisser in openbare gelegenheden is een vloek. Vermomd in een witte, lichtgrijze of roomkleurige kunststoffen behuizing, met ronde of elipsvormige opening braakt het meestal onaangekondigd en veelal vanboven, zijn reukspoor uit. Het heet ‘geurdispenser’ en oefent stoïcijns zijn olfactorische guerilla uit op een moment waarin de mens het kwetsbaarst is. Lafbek.

Inmiddels heb ik een heel arsenaal aan technieken ontwikkeld om maar niet besprongen te worden door het geurige gespuis van Rentokil en consorten. Wegduiken, tissue tegen de opening aandrukken, met de rug tegen de muur naar het toilet schuifelen, of: de deur openen, wachten op het vermaledijde ‘pssss’, door de knieën gaan en in eendenpas het toilet uitstappen, zijn een greep uit mijn inmiddels brede en nog steeds groeiende repertoire.

Want de toiletjongens innoveren zich een ongeluk.

Laatst visiteerde ik een op het eerste gezicht keurig toilet in een even keurig hotel. Na een opstapje, een blinde deur, een spiegelgladde houten vloer, 20 meter stemmig verlichte gang, een trap met 22 treden en een hellingshoek van 30 graden en nog eens twee toegangsdeuren bereik ik in nood het kleinste kamertje, ver weggestopt in het souterrain.

Met een zucht van verlichting ga ik boven de pot hangen en geniet van het spaarzame moment van rust op deze overvolle dag. Tot ik na een seconde of 5 vanuit de linkerhoek achter me de roep van een schorre kaketoe hoor en iets vochtigs in mijn nek voel.

What the?

Nadat mijn verbijstering plaatsmaakt voor nieuwsgierigheid, draai ik mijn hoofd richting de onverlaat die zojuist mijn High Tea heeft verluchtigd met de synthetische geur van lentebloemen. En daar hangt ie de gluiperd, op hoofdhoogte, een verstuiver ter grootte van een pakje papieren zakdoekjes. Op afstand aangestuurd door een sensor bij de wasbak.

Het moet gezegd. Hier is een produktontwikkelaar aan het werk geweest met gevoel voor humor. En met een ondeugende inborst. Want een verstuiver die de argeloze bezoeker in ontbloot onderlijf eerst op een schreeuw trakteert en vervolgens op de splash van een schorre kaketoe, heeft een dirty mind.

Maar mij foppen ze niet nogmaals. De volgende keer haal ik een paraplu bij de receptie. ‘Voor die spuitende kaketoe op het toilet.’

 

BreinReizen

Als in één en dezelfde week èn een journalist in de sectie Wetenschap èn twee columnisten van aanzien over geur schrijven in de Volkskrant, dan weet je: er is iets aan de hand.

‘Texelgeur,’ schrijft Nico Dijkshoorn, ‘voor mij was dat een mengsel van mijn vaders aftershave, de zweterige belegde broodjes onderweg van mijn moeder, de natte stenen op de dijk, het bos met dat ene bankje, de veemarkt, de geur van het gehuurde huisje, een andere toiletverfrisser dan thuis, mijn ruikende oksels en vooruit dan maar, een schaap’.

De levendige vakantieherinneringen aan zijn jeugd worden in een zucht tevoorschijn getoverd door de geur van Rode Ribis. Grasduinen op internet levert uiteenlopende beschrijvingen op van het olfactorische landschap van deze sierbes. De ene bron noemt hars, een andere kattenpis. Wat het ook is, de geur opent allerlei luikjes in de grijze bovenkamer van de schrijver tot aan ‘een andere toiletverfrisser dan thuis’ toe. Een stroom van beelden, associaties en sferen wellen op door de kruidige adem van deze struik. Zonder enige hapering, ongeorganiseerd, zonder logica of controle. Klik klik klik klik klik klik. De oogst herinneringen is rijk en overdadig.

Hoe dit fenomeen precies werkt is niet duidelijk, maar iedereen kent het. Althans een ieder die gezegend is met een werkend reukorgaan.

Sinds enige tijd wordt geur door de commercie omarmd als de nieuwe verleider en trakteert de winkelier de consument tijdens het winkelen rijkelijk op de geur van chocolade, koffie en versgebakken brood, want scent sells. Aangemoedigd door de resultaten slaan inmiddels ook politieburo’s en overheidsinstellingen aan het begeuren. Nachtmerrie-achtige visioenen van naar groene thee ruikende corridors, met peperkoek begeurde liften en gember uitwasemende schoenenzaken trekken aan me voorbij. Alsof een geurcondoom strak over de echte wereld wordt getrokken.

Zou het klassieke reisburo (vale vloerbedekking, crèmekleurige computer en posters met palmbomen en lachende families aan de muur), nou nog echt hebben bestaan als ze haar bezoeker had gefêteerd op een melange van zee, Ambre Solaire en Mojito?

Nu carnaval mijn stad overneemt, droom ik van verre oorden. Over een land waar de magie boven de rode stoffige aarde hangt en kangoeroes de schrik van elke wijnboer zijn. Waar de namiddagzon de eucalyptusbomen haar welriekende geest ontlokt en de geur van versgemalen koffie altijd wel ergens door de straten zweeft. En waar ‘s ochtends mij de schaterlach van de kookaburra wekt. Eén pufje Shanti Shanti en ik ben er. Plof. In a split second. Dank je brein, dank je geur.

♡ ★★★★☆ SHANTI SHANTI van Miller et Bertaux
♪♪ ∫∫ ♀ €€ ⎢floral⎢2008
Bleekroze rozen met flonkerend ochtenddauw in een bedje van zacht geurende aarde. Klein zeepje als toegift na. Eens mee in mijn koffer naar Australië en sindsdien mijn olfactorische ticket naar deze zinsbegoochelende bestemming. Hunkerparfum.

My Funny Valentine

Als je letterlijk overal aan ruikt, kom je soms tot verrassende ontdekkingen. Bijvoorbeeld dat zojuist gesneden stelen van tulpen licht naar asperges geuren. Of de nieuwe lipstick naar suikerspin. En dat het theeglas in dat leuke nieuwe restaurant riekt naar zweetvoeten.

Deze weken overheerst de geur van ‘nieuw’ mijn leven. Hij is zo sterk dat ik er zo nu en dan niet van kan slapen. Ontelbare hersencellen zijn ‘s nachts al teloorgegaan aan het mijmeren over de juiste kleur grijs voor de vloer. Hoezo juiste kleur grijs? Grijs is toch grijs? Vergeet het. Want er is Mono, Rubine Ashes, Welcome, Down, Dash of Soot, Dolphin, Perennial Grey en nog zo’n vijftig andere tinten. Voor iemand die geboren is onder het sterrenbeeld Weegschaal een Gordiaanse knoop. En ook andere dingen als de afmeting van de steigerhoutentafel, de kleur van de lockers voor de geurbibliotheek of de witte buisframestoelen op Marktplaats houden me behoorlijk bezig.

Het begon allemaal enkele maanden geleden met de geur van vermoeid gebouw. De dry down van een meer dan vijftig jaar oude brandweerkazerne die ook leegstand en een grillig kunstenaarsbestaan heeft gekend, is teleurstellend alledaags. Muf, stoffig en vochtig, met op de eerste verdieping een zweem rubber van stukgetrokken vloerbedekking en bij de voormalige smeerput een hint van olie en diesel. Of verbeeld ik me dat laatste en wordt Neus gefopt door een een geurige fata morgana? Fata morgana of niet, na de rondleiding knik ik enthousiast naar de verhuurder en weet: ‘dit is het’.

Zes maanden en een intensieve renovatie later heeft de schilders- en schoonmaakploeg de geur van stof vervangen door die van bijtend schoonmaakmiddel en stopverf. Met zo’n twintig andere creatieve bedrijven heb ik mijn intrek genomen in een herboren kazerne. En ook al ben ik nog tot eind van de maand verstoken van internet, ik wil er elke dag zijn. Ook in het weekeinde. Al is het maar even. Verzin smoezen als ‘Moet de kruiden even water geven’ of roep uit ‘Waar is Lady Vengeance (te vervangen daar elk willekeurig ander parfum)?! Ach nee, op Brandweer!’. Om vervolgens met een gelukzalige glimlach op mijn fietsje naar de andere kant van de stad te peddelen.

Verliefd op mijn nieuwe werkplek. Yep. En hevig.

Wordt vervolgd ;-) .

LIJSTJES

En dan is het jaar opeens bijna voorbij. ‘Wat zeg je? Er zijn nog 8 dagen te gaan?’ Klopt, ook in mijn jaar zitten er 365 waarvan 31 in december. Maar op deze maandag voor Kerst zit mijn werkjaar erop, wordt mijn digitale appel naar een lade verbannen en slaak ik een zucht van verlichting.

Ik hou van deze tijd van het jaar. Terwijl mijn actielijstjes ondanks alle inspanningen maar niet korter willen worden en in mijn bovenkamer overuren worden gemaakt, komt de natuur langzaam tot stilstand. De kleur trekt langzaam weg uit het landschap om plaats te maken voor een modderig schilderspalet met groene mopjes.

Sinds enkele dagen neemt die typische geestesgesteldheid die hoort bij het eind van het jaar bezit van me. Verwonderd dwaal ik met een lantaarn in de hand door de onvermoede vertrekken van 2013 en til hier en daar het dikke kleed van ervaringen op. Mijn eerste geurconcept samen met de Amsterdamse parfumeur Spyros Drosoupoulos voor een fabrikant van rubberen halffabrikaten. Nee hoor, het ruikt niet naar rubber. Integendeel. Het is een groen, houtig en transparant parfum, met een soepele basis. Passend bij de missie en cultuur van het bedrijf. Of het unisex parfum voor een van de grootste projectbureau’s in de gastvrijheidsindustrie. Uitgewerkt met twee vrouwelijke parfumeurs uit Parijs. En ach, dat is waar ook, de geuren van New York City!, voor altijd opgetekend in mijn geurgeheugen. Het overweldigende geurlandschap van Chinatown met zijn vis, kruiden en afval. Of de onvergetelijke vochtige geur van vers gestort beton rondom Ground Zero.

Er zijn de geuradviezen (leuk: ook mannen maken hier steeds meer gebruik van), de lezingen en de geurworkshop deze maand voor bezoekers van het Toon Hermans Huis. Er is het artikel Groen Parfum, geschreven in opdracht van het Volkskrant Magazine dat niet geplaatst werd. Teveel persoonlijke kleur. Tsja, niet alles past. Er zijn de vele inspirerende ontmoetingen, de onverwachte wendingen en kansen, de teleurstellingen en de nieuwe ontdekkingen.

Nu het einde van het jaar in zicht is, verschijnen ook de lijstjes in de krant en op internet. De hoogtepunten, de dieptepunten, de zoveelste top 2000, de leukste, de gekste, de beste, de weerzinwekkendste, de mooiste, de treurigste, de liefste. Eindejaarsamusement, heerlijk.

Goed moment dus voor mijn lijstje hunkerparfums, vijf flesjes gebottelde schoonheid die mij keer op keer een zucht van verrukking ontlokken.

  • Angeliques sous la Pluie van Frederic Malle, Ellena’s toast op de zomer.
  • Cuir de Nacre van Ann Gerard, romige iriswortel omhuld door zijdezachte suède. De veter nachtblauw leer die Bertrand Duchoufour door het parfum weeft, geeft de geur pit en iets gereserveerds. Perfecte balans tussen zacht en stevig.
  • Mon numero 7 van l’Artisan Parfumeur, verrassende en veelkleurige compositie van tuberoos met specerijen. Slank en droog met een iets stoffige textuur. Hoor ik daar een tijger grommen?
  • Mon numero 8 eveneens van l’Artisan Parfumeur. Ook hier een crèmige iris in de hoofdrol, met bijna iets droppigs à la Dior Homme. Klassiek en verfijnd. Geen poederige weelde, maar een nauwelijks waarneembaar donsje. Omlijsting door witte bloemen en later, de verrukkelijkste schone zepigheid denkbaar.
  • Royal Saffron van Bella Bellisima, weelderige rozen met een stevige dosis saffraanbitters, innig verstrengeld met een pietsie aoud. Krachtig, intens en uitermate intrigerend.

Het vijftal heeft mij gebracht tot aan de deur van 2014, waarachter mijn nieuwe geurstudio gloort. Gelegen in de fraai gerenoveerde voormalige brandweerkazerne, een gemeentelijk monument in Maastricht. Open vanaf medio januari. Je bent van harte welkom!

Maar eerst relaxen onder de kerstboom gehuld in een van mijn favoriete brouwseltjes. Ik wens je een spetterend en bovenal zinnelijk 2014!

Enzo Galardi en zijn BOIS 1920

Enzo Galardi heeft het olfactorisch DNA van zijn grootvader Guido geërfd. Een man die in 1920 zijn eerste geurende produkten van de Toscaanse lavendel maakte. Zijn kleinkind bleek dezelfde gevoeligheid voor geur te hebben. Het kleine mannetje onderzocht al snuffelend de wereld om hem heen en rook aan alles wat hem onder de neus kwam. Aan bladeren, bloemen, kruiden, speelgoed, modder, keukengerei, boeken en wat al niet meer.  Was de jonge Enzo ondeugend, dan hield grootpapa hem zijn pijp onder de neus, de geur van tabak was het teken dat ie ermee moest ophouden.

Vanochtend sprak ik de parfumeur kort in Maastricht, ter gelegenheid van de introduktie van zijn label BOIS 1920 bij parfumerie Mignonne.

Vraag je Enzo Galardi naar dierbare geurherinneringen uit zijn jeugd dan worden zijn ogen zacht. Hij vertelt over de geuren van het plattenland die na een regenbui letterlijk tot wasdom komen en die op hun mooist zijn in de lente.

Ô de Lancôme veranderde zijn leven. Hij was veertien jaar toen hij dit sprankelend frisse parfum rook in de parfumerie van een kennis. Vanaf dat moment was er geen houden meer aan. Hij rook elk parfum dat in deze winkel te vinden was. ‘En dat niet alleen, alles in de zaak onderwierp ik aan een intensief geuronderzoek’. En Ambre Sultan van Serge Lutens is zijn heilige graal. Hij spreekt met grote bewondering en ontzag over dit parfumhuis.

De parfumeur ziet zichzelf als een kunstschilder, gedreven door creativiteit  en vakmanschap. Zijn ‘schilderspalet’ is gevuld met meer dan 400 aroma’s. Hoewel hij bij voorkeur met natuurlijke aroma’s werkt, schuwt hij synthetische grondstoffen niet als hij daarmee het effect krijgt wat ie beoogt.
Soms komt het voor dat een formule niet past binnen de strenge regelgeving van de parfumindustrie en gebruikt hij een hogere dosering van een grondstof dan wettelijk is toegestaan. Het boeit hem niet, hij weigert zich tijdens het ontwikkelen van een formule te laten beperken door een wetgever. Het is al voorgekomen dat een parfum door deze koppigheid niet in produktie kon worden genomen en zodoende een plaats kreeg in de eregalerij van parfumgeheimen van de familie Galardi.

Het Toscaanse landschap met haar vele geuren is een onuitputtelijke bron van inspiratie voor de parfumeur. Hij werkt graag met een kruidig aromatisch akkoord, opgebouwd uit Toscaanse lavendel (spigo), thijm en rozemarijn met soms een vleugje salie. Het parfum Sushi Imperiale is hier een goed voorbeeld van. Stijl van het huis? Zonder uitzondering creërt Galardi complexe en intense parfums met een natuurlijke feel en een uitzonderlijke duurzaamheid.

Bij het afscheid nemen wordt dit laatste nog eens bevestigd. Ruik ik daar Oro in de jas van Galardi? Hij knikt instemmend en merkt trots op: ‘gisterochtend opgedaan’.

Vanaf 145 euro / 100 ml.
Verkrijgbaar bij diverse verkooppunten in Nederland en in de e-boutique van Aafkes.nl

 

Een eredienst voor Miss Dior

‘Alleen al deze aanblik maakt het bezoek aan de tentoonstelling de moeite waard’. De onbekende en ik kijken elkaar met glanzende ogen aan, allebei in de ban van het tafereel dat voor ons ligt. De sprookjesachtige jurk in de vitrine, het monumentale schilderij van de Japanse kunstenaar Liang Yuanwei ernaast, de kolossale spiegel die de overweldigende kleuren, vormen en de opgewonden vibe in de ruimte weerkaatst.

Nog één stap en ik zal door het spektakel worden opgeslokt. En onderdeel worden van de opwinding, de warmte, de zinnenprikkelende vormen- en kleurenpracht. En van de mensenmassa die op de been is gekomen voor deze bijzondere expositie in het Grand Palais in Parijs.

In dit immense tentoonstellingsgebouw, gebouwd voor de wereldtentoonstelling in 1900 en gelegen op de rechteroever van de Seine, bevindt zich de kleine zaal die voor deze gelegenheid is omgetoverd in een uitbundig gedecoreerde tempel. Een tempel waarin het iconische parfum Miss Dior van Parfums Christian Dior met een eredienst van dertien dagen wordt geprezen. Vijftien vrouwelijke kunstenaars zijn door Dior aangezocht om zich te laten inspireren door dit illustere parfum.

Er is de reusachtige roze strik opgetrokken uit lege J’adore flessen door Joana Vasconcelos, waarin de twee grootste parfumsuccessen van Dior samenkomen: Miss Dior en J’adore. Er is het prachtige kleed met pied-de-poule motief van Polly Apfelbaum en de houten installatie Room of One’s Own van de Sloveense kunstenaar Nika Zupanc opgebouwd uit een ander treffend beeldmerk van Dior: het cannage stiksel. Er is de verstilde foto van de Engelse fotografe Hannah Starkey, waarmee ze een ode brengt aan Catherine Dior, de jongere zus van Christian en muse van het parfum, die zich tijdens de tweede wereldoorlog aansloot bij het verzet, werd opgepakt en gedeporteerd om na de oorlog haar geboortedorp weer in te wandelen.

Er hangen schilderijen van grote kunstenaars in wier gezelschap Christian Dior graag verbleef. En er zijn de meest exquise parfumflessen, zoals de allereerste in de vorm van een vrouwenlichaam, en de latere versie die na de nodige inspanning wél in een grotere oplage te produceren was.

Mij is onduidelijk waarom juist nu, 66 jaar na de lancering van dit groene, opwekkende, karaktervolle en zeer elegante parfum, deze happening plaatsvindt. Daar doet Dior geen uitspraak over. Noch over het feit dat de Miss Dior die nu in de winkel te koop is, een heel ander parfum is dan de Miss Dior uit 1947. Wil je deze laatste hebben, grijp dan naar de verpakking met de aanduiding Original. Althans, dan krijg je een indruk van hoe het parfum ooit geroken moet hebben. Want de Miss Dior Original van vandaag is niet diezelfde als het oorspronkelijke geurige kunstwerk. Vergelijk het met zijde en kunstzijde, met suiker en zoetjes. Het olieverfschilderij en de reproduktie.

Maar wat ik het meeste mis is Miss Dior herself. Geen vleug. Geen zweem. Not a whiff. Het feest wordt gevierd zonder het feestvarken.

Nog dit weekend te bezoeken. Toegang gratis.

Groen Parfum

Een koffiemok uit een printer en een hamburger van gekweekt vlees. We vinden de wereld opnieuw uit nu we beseffen dat voor ons teakhouten tuinmeubilair een bos in Indonesië wordt gekapt en dat een koe voor een biefstukje honderden kilo’s graan weg kauwt.

Ook de parfumbranche, volgens Nielsen in Nederland goed voor een groei van 4% met een omzet van € 418 miljoen in 2011, ontwikkelt initiatieven voor een duurzamere bedrijfsvoering.

Een van de voorlopers in de branche is Thierry Mugler. Mugler, van origine mode-ontwerper, was al eco bewust lang voordat Al Gore met zijn An Inconvenienth Truth alarm sloeg. In 1992 bracht hij het revolutionaire parfum Angel op de markt, waarin hij als eerste aroma’s van chocolade en suikerspin verwerkte. Minstens zo vernieuwend was de gelijktijdige introductie van The Source, een apparaat waarmee een leeg flesje parfum kon worden nagevuld en de klant 35% op het aankoopbedrag bespaarde. Dit voorjaar lanceerde Mugler de derde generatie van deze parfumfontein, nu gevuld met niet één maar drie geurige kaskrakers: Angel, Alien en Womanity.

Het Franse bedrijf verwacht dit jaar 1.350.000 refills te verkopen en dat scheelt een afvalberg ter grootte van wat een gemeente als pakweg Noorbeek in Zuid-Limburg in een jaar produceert. Droom even met me mee. Chanel no. 5 is goed voor het plaatsje Buren, J’adore voor Aerdenhout en One Million voor Gulpen. Toch krijgt het initiatief van Mugler weinig navolging, andere merken beperken zich tot het aanbieden van navulverpakkingen. De meest invloedrijke innovatie in de geurwereld
is de zogeheten headspace technology. Deze techniek maakt het mogelijk het aroma van een plant of zelfs een plek te ‘vangen’ zonder haar ook maar te beroeren. Het werkt als volgt. Een glazen kap wordt over bijvoorbeeld een exotische bloem geplaatst, de welriekende moleculen worden opgevangen en door een gaschromatograaf geanalyseerd. Daarna wordt de geur in een laboratorium nagemaakt uit synthetische grondstoffen. Niet alleen voorkomt zo’n olfactorische foto de teloorgang van zeldzame natuurlijke bronnen of ecosystemen, zij geeft ook nog eens een meer natuurgetrouw beeld van het aroma dan traditionele extractiemethodes als stoomdestillatie of inweking. Vandaag de dag zitten parfums vol met weelderige geursensaties uit oerwoud of achtertuin, zonder dat er ook maar een blaadje is gekrenkt. Shiseido’s Zen, Chrystal Noir van Versace en Roger & Gallets Eau de Lotus Blue zijn hiervan voorbeelden.

En de ontwikkelingen gaan door. Dit jaar is het eerste prototype van een geurcamera voor thuisgebruik verschenen. Deze ‘Madeleine’, genoemd naar de geurige cakejes waar Proust over verhaalt in ‘À la recherche du temps perdu’, houdt het midden tussen een mini-stofzuiger en een polaroidcamera. Nog even en we maken ons eigen parfum met de geur van zelfgebakken appeltaart of, voor de meer avontuurlijken onder ons, die van babyluier of beslapen beddengoed.

Geurfoto’s, synthetische vervangers, parfumfonteinen en navullingen. Goede ontwikkelingen in een branche die vorig jaar meer dan 1000 nieuwe parfums op de markt bracht. Maar ondertussen kan ook de parfumgebruiker een duit in het groene zakje doen. Door bijvoorbeeld goed te luisteren naar zijn neus als hij snuffelt aan die nieuwste geurige illusie van sensualiteit, jeugdigheid of viriliteit. Dat scheelt heel wat verweesde flesjes in de badkamerkast.


Het is nog een prototype die Madeleine, maar is het niet een opwindend vooruitzicht? Welke geur(-en) zou jij als eerste ’bottelen’? En hoe zit het trouwens met die verweesde flesjes in jouw badkamerkast? Ik heb er een goede list op gevonden: ze maken
deel uit van mijn parfumbibliotheek ;-)  …

How is your nose today?

Konyune onorange-tanka. Hoe is het met je neus? Zo begroeten de Ongees, het inheemse volk van de Andaman eilanden, elkaar.

Vreemde vraag? Hangt er maar vanaf hoe belangrijk geur voor je is. De Ongees vinden hun neus in ieder geval het belangrijkste zintuig in hun leven. Hij vertelt je of een vrucht rijp is, of een plant eetbaar is en welke geneeskrachtige werking hij heeft. Of iemand een ziekte onder de leden heeft en welke man of vrouw het sterkste nageslacht levert. De neus is de TomTom van de Ongees en hun belangrijkste gids voor welke beslissing ook. En net als de staart van een kat vertelt hij wat het humeur van de eigenaar is. De neus kan licht voelen of zwaar. Moe of alert. Gerrïteerd of nieuwsgierig.

Ook zijn er natuurvolkeren die als begroeting het edele reukorgaan in de oksel van de ander drukken. ‘Hé wat leuk om je te zien!’, en hup daar verdwijnt de neus in de warme holte. Haar of geen haar, zojuist gebadderd of net uit bed, een stevige snuif aan het vocht dat glinsterend in de schoot van de arm ligt, laat de gemoedstoestand van de eigenaar lezen als een boek. Beetje zurig? ‘Boos geweest jongen, ruzie met je vrouw gehad?’ Zoetig? ‘Veel wortelen gegeten of is je maag van streek?’ Bitter? Hartklachten. Ranzig? Weinig rust gehad of problemen met de blaas.

Moeilijk voor te stellen in onze samenleving, waar we naar hartelust be-, ont- en hergeuren en lichaamsgeur de duivel is. Mocht er ooit een 2.0 versie van De Tien Geboden komen dan zal ‘Gij zult de dampen van uw lichaam ostentatief en met toewijding bestrijden’ er zonder twijfel deel van uitmaken.

Deze ochtend ging ik op zoek naar een leuk plaatje voor dit artikel en googelde ‘smelling armpits’. Met ingetrokken neus en toegeknepen ogen opende ik de tab afbeeldingen. Een duik in de oksel van het internet is op zijn zachts gezegd een stoutmoedige daad voor iemand die gezegend is met de afwijking ‘beeld = geur’. Seeing it, is smelling it...

Ik zal je een verslag besparen van wat me voor de ogen kwam. Want geloof me, je wil niet weten wat ik daar aan harige, rode, ontstoken, gerimpelde, schurftige, vlezige, onthaarde, biljartbal gladde, maagdelijke, door gordelroos geteisterde en getatoeëerde oksels tegenkwam wier uitwasemingen mijn werkruimte parfumeerden met een melange van vers, licht zurig, ranzig, scherp, babyzoet, kruidig, onschuldig, weeïg, zilt en door Rexona en Axe onschadelijk gemaakt zweet.

En toch. Ik hou van lichaamsgeur en ben net als die natuurvolkeren gefascineerd door de geur van zweet.

Zo, dat is eruit.

★★★★☆ FRENCH LOVER door Pierre Bourdon voor Frederic Malle
♪♪ ∫∫ ♀♂ €€⎢dry woods⎢verkrijgbaar bij Skins Cosmetics
Een van de meest verleidelijke parfumnamen die ik ken. Wie grijpt nou niet onmiddellijk naar een fles met zo’n naam? Kom op mensen, niet zo verlegen. Ja grijpen maar. Want welke vrouw wil niet haar neus aanvlijen tegen een verre minnaar met exotische tongval die haar lichaam in een smeuïg puddinkje verandert? En is er ook maar één man die niet droomt van vrouwen die door het parfum dat hij draagt in een … nou ja, je begrijpt het.

Hohoho, nu niet direct naar de webshop rennen om deze vriend onbesnuffeld in je winkelwagentje te gooien. Want dit geraffineerde heerschap is niet van plan iedereen te plezieren.

Allez, deze french lover heeft wel eerst zijn tanden gepoetst. Met een ecologisch verantwoorde tandpasta met engelwortel. De opening is namelijk verkwikkend en lichtvoetig. Na verloop van tijd begint de lover heel lichtjes te geuren naar zweet en huid. Maar hij verliest niet zijn frisheid, daar zorgt het groenkruidige karakter wel voor. Beetje aarde, beetje hout. Het parfum blijft op spanning door iets pikants en prikkelends en de strenge, subtiel bittere kern.

Na langdurige en nauwkeurige inspectie blijkt de Franse vrijer uit koel hout gesneden. Knappe vrouw (of man) die hem weet op te warmen.

Fijnproeversparfum.

Je begrijpt dat ik na deze ontboezeming benieuwd ben naar jouw verhouding tot lichaamsgeur. Trek je er je neus voor op? Of kan het je zo nu en dan toch bekoren? En wat vind jij van parfums met een zweterige toets? Vertel!

GeurGriezelen

Pestdamp en bloesemgeur, een geschiedenis van de reuk. Deze week sloot ik het boek, nadat het jarenlang uit mijn gezichtsveld was geweest, opnieuw in mijn armen. Hoe het uit mijn collectie verdween is niet helemaal duidelijk, maar tussen de aanschaf in 1986 en nu ben ik dertien maal verhuisd dus het laat zich raden bij welke gelegenheid het er tussenuit is geglipt.

Gelukkig is er Marktplaats, voor al uw verloren zaken, en keerde dit verbazingwekkende boek per post vanuit Almelo bij me terug.

‘Kijk eens Neus wat ik voor je gevonden heb!’

Als je nu denkt dat ze er onmiddellijk omstandig en gulzig aan begint te snuffelen dan heb je het mis. Want weet jij wat je allemaal kunt tegenkomen bij een duik in de geurwereld van een doorleefd boek? Nee? Nou Neus wel.

Dit boek, met magentakleurige omslag en de kopergravure De Parfumeur van Gerrit Valck op de voorkant, ruikt bijvoorbeeld naar

propvolle boekenkast
in een goed gestookte kamer
bewoond door iemand van middelbare leeftijd
die vroeger zo nu en dan een sigaret opstak
(maar alweer jaren met deze vieze gewoonte is gestopt)
van het mannelijke geslacht.

De kromgetrokken rug met leesvouwen verraadt dat het boek de lezer tot het laatst toe heeft weten te boeien, wat respect verdient, want naast de smeuïge anekdotes is het fascinerende maar tevens gortdroge kost.

Omdat het maandagochtend is, de herfst zich van haar mooiste kant laat zien, mijn zoekgeraakte stokoude buurkater weer terecht is en ik goede zin heb, laat ik de gort voor wat het is en trakteer je op een doorkijkje in de achttiende-eeuwse geurwereld van de Fransen.

Wasknijper bij de hand?

‘In de tuinen van het Palais-Royal weet men ‘s zomers niet waar men zich te rusten moet zetten om niet de geur van stinkende urine te ademen. De kades prikkelen de reukzin tot misselijkheid toe; uitwerpselen liggen overal verspreid, in de lanen, aan de voet van stoeppalen en in de huurrijtuigen.’ Aldus de geurige verslaglegging van de zeden en gewoonte van de Parijse burgers in Tableau de Paris door schrijver en politicus Jean-Louis Mercier. De stank moet weerzinwekkend zijn geweest.

En ook het Franse hof was verstoken van toiletten en ging gebukt onder intens riekende dampen. ‘Het park, de tuinen en het kasteel zelf doen je maag omdraaien met hun kwalijke geuren. De verbindingsgangen, de binnenplaatsen, de vleugels en de gangen liggen vol urine en faecaliën. De veestapel schijt in de grote galerij; de stank houdt ook voor de deur van de slaapkamer van de koning geen halt’.

Geen wonder dat de hovelingen zich overdadig besprenkelden met zware parfums die bol stonden van galbanum, opoponax, musk en civet. Pure overlevingsstrategie.

Sinds het boek weer in mijn leven is, trakteer ik mezelf op een dagelijkse portie geurgriezelen, spoel met hernieuwd plezier het toilet door en troost me met iets dat ruikt naar rozengeur en maneschijn.

 

★★★★☆ ROSES MUSK van MONTALE
♪♪ ∫∫ ♀ €€⎢floral⎢verkrijgbaar bij Parfumaria
Zeer schone en fruitige roos. Of meer: de illusie van roos. Want als hier ook maar één levende bloem aan te pas is gekomen, vreet ik een beer op. Natuurlijk alleen als ie geroosterd is en met mes en vork. Over geroosterd vlees gesproken: deze airy, lichtvoetige, meisjesachtige, vriendelijke en opgewekte geur heeft onmiskenbaar iets donkers, iets rokerigs en iets dierlijks. Met die typische Montale handtekening, dat geurkenmerk dat ik associeer met Aoud. Maar ook hier zeg ik: de illusie van Aoud. Want sinds ik in New York één mililiter van het echte spul heb aangeschaft, maakt niemand me meer iets wijs.

Glasheldere compositie, verrukkelijk in zijn eenvoud. Voor meisjes, jong en oud, met een bite. En voor mensen die lijden onder riekende dampen.

Trouwe lezers hebben het vast opgemerkt: de laatste tijd is het wat stiller op mijn blog. Vakantie, werkdruk en ook schrijftwijfel zorgden voor een schrale oogst. De vakantie is achter de rug, de schrijftwijfel is gelukkig verdampt en het plezier terug.Tot gauw!